Enting bij kittens

Inentingen bij kittens (een verhaal van een fokker)

 

Als stamboeksecretaris en lid van de gezondheidscommissie en daarvóór ook in andere functies bij Neocat, loop ik al zo’n 35

jaar mee en heb ik veel contact met de leden van de vereniging.

Daardoor hoor ik veel leuke, hilarische, akelige, verdrietige en verschrikkelijke verhalen, die ik eigenlijk altijd zie als een vertrouwelijk gesprek tussen u en mij. Maar in al die jaren zijn er ook veel gesprekken geweest, die gaan over de gezondheid van katten.

Daarbij komt dan ook het onderwerp ‘vaccinatie’ aan de orde. Veertig jaar geleden

Toen wij bijna veertig jaar geleden onze cattery begonnen, gingen we met een nestje naar de dierenarts als de kittens elf à twaalf

weken oud waren. Ze werden nagekeken en kregen een inenting tegen kattenziekte met levend vaccin. Meer was er niet! De kittens

hadden eigenlijk nooit een reactie; een dagje wat meer slapen en dan had je het gehad.

Na een paar jaar ontwikkelde men een (levend) vaccin tegenniesziekte. Het was een druppelvaccin, dat in de ogen en de neus

moest worden gedruppeld. Wij dachten: “Eerst maar eens rustig afwachten!” De resultaten waren niet best: chronisch ontstoken neus en ogen, soms zelfs blindheid en overlijden. We hadden zelf een poes, die als kitten bij de fokker niesziekte had gehad en daaraan altijd een ontstoken neus had overgehouden. We lieten in Leiden bij een specialist twee maal haar neus spoelen om die vrij van ontstekingshaarden te maken, maar helaas zonder succes. Ze bleef haar hele leven niezen en niet te weinig! Af en toe vlogen

de klodders me om de oren! We zagen dus wel degelijk het nut van een enting, maar déze tochmaar niet!

Wat later ontwikkelde men een levend combi-vaccin kattenziekte en niesziekte, dat een stuk beter was. Inenten met elf tot twaalf

weken, soms een paar keer een niesje, maar dat was zo over. De kittens konden gezond en wel naar de nieuwe eigenaar.

‘Tegen chlamydia inenten, is chlamydia in huis halen’

De farmaceutische industrie had de kat ontdekt! De wereld werd ook voor katten groter, men importeerde kittens en daarmee de

chlamydia en daarvoor werd een vaccin gemaakt. In die tijd kwam ik bij H***y B** op bezoek en ik zal nooit vergeten wat ze tegen

me zei: “Nooit doen, Ina, tegen chlamydia inenten is chlamydia in huis halen!” We vertelden dit aan onze dierenarts en tegen de zomervakantie had hij een mooie gelegenheid om dit verhaal te testen. Er waren dierenpensions, die een chlamydia-inentingverplicht stelden, en een aantal die dat niet vroegen. Twee lijstjes bijhouden van wel en niet tegen chlamydia ingeënte dieren en afwachten….

Na de vakantie kwamen de tegen chlamydia ingeënte dieren al snotterend weer bij hem op de tafel. Deze inenting was een enorme miskleun! Intussen bleek uit onderzoek, dat één inenting tegen niesziekte niet voldoende was voor volledige bescherming van een kitten, dus dat moest nog een keer herhaald worden, drie tot vier weken na de eerste inenting. De nieuwe eigenaars van de kittens kregen dus de boodschap mee: Herhalingsinenting niesziekte in die en die week!! Niet vergeten! En we hielden daarover contact.

Ontwikkelingen farmaceutische industrie. Zonder veel lawaai en reclame kwam ook een nieuw vaccin op de markt: dode entstof voor kattenziekte en verzwakt levend tegen niesziekte. Dat leek ons een goed idee en we zijn dit gaan gebruiken. Maar daar kwam de volgende ontwikkeling. De farmaceutische bedrijven hebben weer iets bedacht: We gaan enten met negen en twaalf weken! De kittens mochten nu pas met dertien weken bij de fokker weg, dus was dat even prachtig? De kittens kunnen nu volledig ingeënt de deur uit! De meeste dierenartsen bleven gewoon met levend vaccin enten. De fokkers mopperden af en toe over reacties bij kittens, maar “de dierenarts zei, dat dat geen kwaad kon”, dan kregen ze wel een drankje of pilletje mee. Het vreemde was, dat in die tijd wel de bijsluiters van de levende vaccins waren veranderd. Jaren geleden publiceerden we al in het Neocat Magazine, dat in de bijsluiters stond dat het vaccin gebruikt mocht worden vanaf een leeftijd van twaalf weken. Alleen als de kittens geen maternale zorg (lees: moedermelk) hadden gehad, mocht het vaccin op jongere leeftijd worden gebruikt. Daarna zijn de meeste bijsluiters wéér gewijzigd en nu staat er, dat bij een inenting met negen weken heftige reacties kunnen optreden. Het advies van de afdeling Virologie van de Faculteit Diergeneeskunde in Utrecht is: eerste inenting op een leeftijd van twaalf weken, tweede inenting drie à vier weken daarna. Dat is vast niet voor niets. Tegen de leeftijd van twaalf weken begint namelijk de hoeveelheid antistoffen die de kittens van moeder hebben meegekregen, langzaam af te nemen. Dat is het moment om die antistoffen weer aan te vullen. Maar de meeste dierenartsen vaccineren vrolijk voort. Problemen? Daar zijn medicijnen voor! Nooit klachten! En de fokkers vinden het maar wat keurig staan: “volledig ingeënt”. Meer reacties op inentingen Tot zover de geschiedenis van de vaccinaties, maar dan de gevolgen: Sinds het enten met negen en twaalf weken gemeengoed is geworden, horen we steeds meer klachten over reacties op inentingen met levend vaccin en dat beperkt zich niet tot één bepaald merk. Kittens die echt heel ziek worden en met veel moeite in leven gehouden kunnen worden, maar ook kittens die overlijden! Altijd weer hoor ik dan: Ja, maar ik doe het al jaren zo! En van dat verhaal ben ik heel erg geschrokken. Want vroeger waren er ook wel eens problemen, maar tegenwoordig rijzen ze de pan uit, maar wel op de lange duur! Wat doen we -misschien goed bedoeld- onze kittens aan? Als we nou eens uitgaan van het begin: We nemen een poes, die we met twaalf weken laten inenten tegen kattenziekte en niesziekte, met een herhaling na drie tot vier weken en die vervolgens jaarlijks ingeënt wordt. Dat moet gewoon genoeg zijn volgens de geleerden. Die poes is goed gezond en krijgt kittens van een kater, die ook zo is in geënt. Zij geeft aan die kittens voldoende antistoffen mee via de melk om twaalf weken beschermd te zijn.

We laten de kittens net zo inenten als we bij de moeder gedaan hebben. Dat moet dan toch genoeg zijn? Dan nemen we een poes, die met negen en twaalf weken is ingeënt met levend vaccin. Bij die eerste inenting leveren de antistoffen die ze nog van moeder heeft en de entstof een strijd. Wat doet dat met het immuunsysteem van zo’n poes? Wat geeft ze door aan haar kittens, wanneer dat immuunsysteem is beschadigd? Kan het dan zijn, dat het immuunsysteem van de kittens al in aanleg minder goed is?

En dan enten we die kittens weer met negen en twaalf weken in met levend vaccin. Wat gaat er dan gebeuren? En we houden weer een poes uit het nest en fokken daarmee, en opeens gaan de kittens dood na de inenting of overlijden jong? Hoe kan dat? Antistof van moeder en entstof valt tegen elkaar weg bij enting op negen weken. Onze dierenarts zei vele jaren terug al, dat hij de indruk had

dat kittens die met negen weken hun eerste inenting met levend vaccin kregen, daarna juist geen enkele bescherming meer hadden, omdat de antistoffen van moeder en de entstof tegen elkaar leken weg te vallen. Nu stellen specialisten vast, dat dit ook echt gebeurt. Zij zijn van mening dat vaccinaties op de leeftijd van negen en twaalf weken nog geen goede bescherming bieden, juist

omdat de kittens nog beschikken over antistoffen van de moeder. Zij onderbouwen dat met onderzoek twee weken na de vaccinaties, waaruit blijkt dat de kittens geen titer antistoffen hebben opgebouwd. Pas op de leeftijd van zestien weken gevacci-neerde kittens hebben twee weken daarna wel aantoonbaar antistoffen, omdat dan de antistoffen van moeder tot bijna nul zijn gereduceerd. Zij adviseren daarom pas op de leeftijd van zestien weken de inenting te geven, die bedoeld is

om immuniteit voor een langere periode te bereiken. Eerste enting op twaalf weken met dood vaccin. Wij laten al vele jaren met twaalf weken inenten met dood vaccin. De nieuwe eigenaars hebben de keuze: Ze nemen het kitten mee en herhalen die enting na drie tot vier weken óf het kitten blijft wat langer bij ons en wij laten de tweede inenting geven. Die tweede inenting mag dan gerust met levend vaccin. We hebben in al die jaren geen problemen gehad met heftig zieke kittens na de vaccinatie en ook nooit een kitten gefokt dat bij de nieuwe eigenaars overleed aan een virusziekte zoals FIP. Ik heb de laatste tijd aan een aantal oude fokkers zoals wij gevraagd hoe zij inenten. Meestal net als wij en wanneer ze eerder enten dan twaalf weken, doen ze dat met dood vaccin. Ook nooit problemen en ook nooit FIP! Het kan toch geen toeval zijn, dat die ellende ons nooit overkomen is en anderen, die vroeg inenten, wel? Uitzonderingen op vaccinatiepatroon Natuurlijk zijn er uitzonderingen mogelijk op het vaccinatiepatroon, wanneer er bijvoorbeeld een drager van niesziekte in uw huis is. Daardoor wordt de druk in huis vergroot en bent u misschien genoodzaakt om in een eerder stadium te laten inenten. Denkt u in zo’n geval dan eens aan een inenting met dood vaccin. Daarmee voegt u antistoffen toe aan de antistoffen, die het kitten nog heeft van de moeder en is het levende gedeelte van het vaccin zo klein dat het de kans op een reactie tot een minimum beperkt. Hoe u wilt inenten, dat beslist u zelf Realiseer u, dat er in een kittenlijfje aan vaccinaties niet meer gepropt moet worden dan noodzakelijk is voor de ontwikkeling tot een gezonde kat. Geef het diertje de kans om zijn eigen immuunsysteem goed op te bouwen voor u daar met mensenhanden een inenting aan toevoegt, zodat het kitten daaruit een waardevolle bescherming kan opbouwen. En vergeet nooit: u maakt zelf uit, waarmee uw katten worden ingeënt,

niet de dierenarts. Heeft hij/zij iets niet in huis, dan kan dat besteld worden. Alleen even van tevoren laten weten dat u een nest heeft, dat ingeënt moet worden en waarmee.